... om weer eens huiswaarts te keren.
Vandaag is onze laatste vakantiedag en morgen vliegen we terug naar Zweden dus worden de koffers vandaag gepakt, herpakt en nog eens herpakt want op één of andere manier heeft onze bagage zich op onverklaarbare wijze onbevlekt vermenigvuldigd.
Als we na drie keer ompakken en het verleggen van snoertjes, zonnebrillen, ondergoed, telefoons en andere troepjes van het ene tafeltje nar het andere kastje nog steeds geen orde op zaken hebben, besluiten we eerst te gaan ontbijten.
Loulou onderhoudt ons met een uitgebreide verhandeling over het gemak van ziplocks terwijl Bert haar beticht van religiehysterie. Loulou overweegt nu een vechtscheiding maar ik besluit me met deze echtelijke twist niet te bemoeien; ik heb mijn handen al vol aan mijn eigen echtelijke twisten over links- of rechts afslaan
Jaloers nemen we afscheid van onze vrienden die nog een vakantie van 4 weken voor de boeg hebben en we laten het pakken van de koffers en tassen voor wat het is en mikken gewoon alles weer in de auto op plaatsen waar we het vanavond hopelijk weer terugvinden.
Ik ben mijn portemonnee deze vakantie zeventientachtig keer kwijtgeraakt maar heb het kreng ook alle keren weer gevonden dus ik gok erop dat vanavond ook alles wel weer boven water zal komen.
We rijden weliswaar in het zonnetje naar het zuiden maar boven zee hangt een dikke mist dus daar zien we niets van.
We rijden Highway one verder af en stoppen even voor Malibu voor een laatste keer pootjebaden in de oceaan. We misbruiken de baywatchhuisjes voor wat fotografische oprispingen en rijden daarna door naar Santa Monica waar we op zoek zullen gaan naar het allerlaatste bord van Route 66.
Nadat we geheel tegen onze verwachting in zowel het bord als de gedenksteen vinden, lopen we nog even de pier op voor een laatste terugblik op onze vakantie en wat de verschillen zijn met onze eerste reis dertig jaar geleden. En eigenlijk vinden we dat we het in de tussenliggende tijd best goed gedaan hebben.
We besluiten om over dertig jaar deze reis nogmaals te maken. Ries is dan 88 en ik tel dan inmiddels 82 lentes. Ik duw dan zijn rolstoel en hij poetst mijn kunstgebit. meningsverschillen hebben we dan niet meer want de één verstaat de ander toch niet meer. Maar over dertig jaar houden we vast nog net zo veel van elkaar als dertig jaar geleden.
Aan het eind van de middag rijden we naar ons laatste hotel op Los Angeles Airport en dat hotel is by far het allerslechtste hotel dat we deze reis hebben geboekt. Als je niet beter weet zou je denken dat we voor wat voor vergrijp dan ook zijn opgepakt en een nachtje moeten brommen in deze hut. Ook het eten bij Denny's is zo slecht dat we, voor het eerst in ons leven, het eten terugsturen naar de keuken.
Het geeft niet, de reis is afgelopen en we gaan naar huis.
Ik heb inmiddels van diverse mensen begrepen dat ze deze blog aan vrienden en bekenden laten lezen, mensen die mij helemaal niet kennen. Als je ons niet kent en deze blog leest krijg je misschien een heel verkeerde indruk van ons. Maar neem van mij aan, we zijn best leuk in het echt. Stom zijn we ook maar dat heb je zelf wel kunnen lezen.
En mocht ik iemand in één van mijn blogs onheus bejegend hebben dan is dat met opzet gedaan en ik neem er dan ook geen woord van terug. Had je dit allemaal maar niet moeten lezen.
We gaan sparen voor een volgende reis en dan komt er misschien wel weer een blog.
Tot dan!
USA 2016
woensdag 28 september 2016
Lopez Lake
Vandaag de laatste mogelijkheid om de vakantie ten volle te benutten. Omdat de temperatuur opnieuw rond de veertig graden belooft te schommelen slaan we het aanbod van Bert en Loulou om naast hen in hun nieuw aangeschafte strandbedjes in het zand aan het strand te mogen verbranden vriendelijk maar resoluut af en komen we met een ander voorstel: een bootje huren om te varen op Lopez Lake. Lopez Lake is een meer even buiten Pismo beach waar je 's zomers uitgebreid kunt recreëren in de vorm van zwemmen, vissen, varen, picknicken, etc.
Er zijn echter twee redenen waarom ons uitje in het water dreigt te vallen (let op de wederom ijzersterke woordspeling):
1) het is weliswaar zomers warm maar het is geen seizoen en er is dus geen levende ziel bij Lopez Lake te vinden, en
2) er heerst sinds 10 jaar grote droogte in dit gebied waardoor er van Lopez Lake niet zo heel veel meer over is en uitgerekend vandaag wordt de haven inclusief de huurbootjes 200 meter verplaatst omdat de haven droog staat .
Wij hebben echter Loulou bij ons en Loulou laat zich niet zomaar een daggie-uit-happie-eten dagje door de neus boren alleen omdat er toevallig even geen water in een meer staat. Loulou is iemand die met een allercharmanste glimlach kan vragen waarom er geen water in dat meer staat waardoor wij niet met een bootje kunnen varen terwijl er 20 kilometer verderop een volledig ingerichte oceaan ligt te dobberen.
Hoe ze het doet, doet ze het maar een kwartiertje later hebben we een Bentley voor twee uur gehuurd en gaan we dat piepkleine beetje water wat er nog in die vallei staat onveilig maken.
We rijden de boat ramp af en parkeren de auto op de bodem van het meer. Het heeft inmiddels al 8 maanden niet meer geregend en voorzichtig stappen we over de vissenlijkjes heen die de droogte van de afgelopen jaren niet kunnen navertellen.
Greg legt ons uit hoe de boot werkt en we installeren ons op ons tijdelijke onderkomen. We krijgen duidelijke richtlijnen over waar wel en niet te varen zodat we niet vastlopen in dat piepkleine stukje water dat nog te bevaren is.
Twee uur lang genieten we van zon, wind en water en een meer dat helemaal van ons is omdat niemand anders zin heeft om bij 37 graden in een vallei te dobberen.Maar wij hebben het naar de zin.
Als het tijd is om terug te varen neemt Ries het roer over wat op zich niet handig is omdat ik al eerder schreef dat wij redelijk bekwaam zijn in het kwijtraken van de weg. En dat maakt dan verder niet uit of we in een auto of een boot zitten. Dus na een kwartiertje varen komen we bij het eind van het Lopez lake waar niet de haven is.
Om een lang verhaal kort te maken, we leveren de boot een half uur te laat in maar omdat er toch geen andere huurders zijn doet de bootverhuurder er niet moeilijk over en krijgen we allemaal nog een warme hug omdat we haar dag nog een beetje goedgemaakt hebben.
We rijden terug naar Pismo en doen allerlei nuttige en nutteloze inkopen bij Walmart en boeken vervolgens een tafeltje bij een visrestaurant aan het strand.
Het eten bij dat restaurant is erg goed maar toch kunnen we er niet meer terugkomen. Loulou blijkt namelijk te lijden aan een zeldzame vorm van kleptomanie. Al eerder zijn we aan de weet gekomen dat ze de halve bestekvoorraad van de KLM achterover heeft gedrukt, vanmiddag sniekt ze gewoon acht ijslepeltjes in haar handtas en nu kiept ze zonder blikken of blozen het hele bakje tandenpeuteraars haar jaszak in. Terwijl ze dat financieel toch helemaal niet nodig heeft.
Nou ja, de krab en de mosselen smaakten erg goed en we kijken weer terug op een bijzonder gezellige dag.
Morgen rijden we over het resterende stukje Highway one naar Los Angeles en hopen in Santa Monica het finishbord van Route 66 te vinden. Want dat is waar deze reis eigenlijk om heeft gedraaid.
Er zijn echter twee redenen waarom ons uitje in het water dreigt te vallen (let op de wederom ijzersterke woordspeling):
1) het is weliswaar zomers warm maar het is geen seizoen en er is dus geen levende ziel bij Lopez Lake te vinden, en
2) er heerst sinds 10 jaar grote droogte in dit gebied waardoor er van Lopez Lake niet zo heel veel meer over is en uitgerekend vandaag wordt de haven inclusief de huurbootjes 200 meter verplaatst omdat de haven droog staat .
Wij hebben echter Loulou bij ons en Loulou laat zich niet zomaar een daggie-uit-happie-eten dagje door de neus boren alleen omdat er toevallig even geen water in een meer staat. Loulou is iemand die met een allercharmanste glimlach kan vragen waarom er geen water in dat meer staat waardoor wij niet met een bootje kunnen varen terwijl er 20 kilometer verderop een volledig ingerichte oceaan ligt te dobberen.
Hoe ze het doet, doet ze het maar een kwartiertje later hebben we een Bentley voor twee uur gehuurd en gaan we dat piepkleine beetje water wat er nog in die vallei staat onveilig maken.
We rijden de boat ramp af en parkeren de auto op de bodem van het meer. Het heeft inmiddels al 8 maanden niet meer geregend en voorzichtig stappen we over de vissenlijkjes heen die de droogte van de afgelopen jaren niet kunnen navertellen.
Greg legt ons uit hoe de boot werkt en we installeren ons op ons tijdelijke onderkomen. We krijgen duidelijke richtlijnen over waar wel en niet te varen zodat we niet vastlopen in dat piepkleine stukje water dat nog te bevaren is.
Twee uur lang genieten we van zon, wind en water en een meer dat helemaal van ons is omdat niemand anders zin heeft om bij 37 graden in een vallei te dobberen.Maar wij hebben het naar de zin.
Als het tijd is om terug te varen neemt Ries het roer over wat op zich niet handig is omdat ik al eerder schreef dat wij redelijk bekwaam zijn in het kwijtraken van de weg. En dat maakt dan verder niet uit of we in een auto of een boot zitten. Dus na een kwartiertje varen komen we bij het eind van het Lopez lake waar niet de haven is.
Om een lang verhaal kort te maken, we leveren de boot een half uur te laat in maar omdat er toch geen andere huurders zijn doet de bootverhuurder er niet moeilijk over en krijgen we allemaal nog een warme hug omdat we haar dag nog een beetje goedgemaakt hebben.
We rijden terug naar Pismo en doen allerlei nuttige en nutteloze inkopen bij Walmart en boeken vervolgens een tafeltje bij een visrestaurant aan het strand.
Het eten bij dat restaurant is erg goed maar toch kunnen we er niet meer terugkomen. Loulou blijkt namelijk te lijden aan een zeldzame vorm van kleptomanie. Al eerder zijn we aan de weet gekomen dat ze de halve bestekvoorraad van de KLM achterover heeft gedrukt, vanmiddag sniekt ze gewoon acht ijslepeltjes in haar handtas en nu kiept ze zonder blikken of blozen het hele bakje tandenpeuteraars haar jaszak in. Terwijl ze dat financieel toch helemaal niet nodig heeft.
Nou ja, de krab en de mosselen smaakten erg goed en we kijken weer terug op een bijzonder gezellige dag.
Morgen rijden we over het resterende stukje Highway one naar Los Angeles en hopen in Santa Monica het finishbord van Route 66 te vinden. Want dat is waar deze reis eigenlijk om heeft gedraaid.
maandag 26 september 2016
Pismo Beach
Aan al het goede komt een einde dus ook ook aan ons verblijf in Tiburon. Om half 7 gaat de wekker omdat we vandaag niet te laat weg willen maar als je je nog twee keer daarna omdraait dan is het plotseling toch 8 uur voordat je de sleutelkaartjes bij de receptie inlevert.
Maps me vertelt hoe we moeten rijden en gelukkig krijgen we een route die de ochtendspits rond SF zou moeten vermijden. Maps me weet dan weer niet dat die drukte zich in een cirkel met een diameter van minimaal 300 kilometer rond Frisco concentreert en na 10 minuten staan we vast in de eerste file. Als we dan ook nog eens de verkeerde afslag nemen heb je meteen een korte samenvatting van onze hele voormiddag; files en foutrijden.
Een kleine drie uur later verlaten we langzaam maar zeker de voorsteden van Frisco en belanden we in de lunchspits van San Jose en Monterey. Ik word er op zijn zachtst gezegd niet zo vrolijk van en ook naast mij hoor ik zo nu en dan gevloek in zeven talen. Zijn we tenminste samen aan het mopperen.
Uiteindelijk belanden we dan toch op de gewenste highway one oftewel de kustweg van Monterey naar Los Angeles. Wij rijden daarvan vandaag de helft omdat we twee nachten hebben geboekt in Pismo beach.
Het is eigenlijk meteen bingo, een Jap in een veel te grote SUV - hij heeft waarschijnlijk van die houten blokjes op zijn pedalen want met die korte beentjes komen die Aziaten nooit bij de pedalen - die verwonderd de wereld om zich heen bekijkt en geen benul heeft dat je bij een snelheid van 30 kilometer per uur al snel een sliert auto's achter je hebt hangen, rijdt vijf auto's voor ons. Inhalen is op die weg een poging tot zelfmoord maar niet inhalen is dat eigenlijk ook.
Goddank besluit hij na 20 minuten om eens stilstaand van het uitzicht te genieten en kan de sliert auto's erlangs. Het heeft echter weinig zin want binnen no time zit je achter de volgende verbaasde Jap in zijn SUV.
We ontwikkelen een puntensysteem: een gewone Jap is één punt, een vrouwelijk Jap is twee punten want die rijdt nog slechter maar wij gaan voor de bonus van 5 punten; een negerin met indiaanse inslag die in haar mobieltje praat We halen heel veel punten vandaag.
De weg is gelukkig mooi.
Om 4 uur komen we eindelijk aan in Pismo beach en worden we enthousiast welkom geheten door Bert en Lou die we morgen de hele dag gaan lopen vervelen. Het hotel is prachtig gelegen aan de Stille Oceaan en Bert verhaalt vol verve over de olifanten die voor de kust te spotten zijn. Bert is 68 dus we laten hem maar lekker kletsen. Heeft ie toch nog een leuk dagje.
We draaien een was en lopen ondertussen naar het strand, 86 treden naar beneden. Het is er prachtig en we zien grote groepen walvissen voor de kust zwemmen. Mooi, dan hoeven we morgen niet op whale watching want we zijn niet zo zeebestendig, weet ik uit eerdere ervaringen. We spotten ze wel vanaf het strand.
We genieten van een heerlijk dineetje in het dorp en maken daarna plannen voor morgen, onze laatste vakantiedag. Wat zullen jullie in een gat vallen als je niet meer kunt lezen over onze stommiteiten. Maar aan alles komt een eind dus ook aan leedvermaak.
Tot morgen!
Maps me vertelt hoe we moeten rijden en gelukkig krijgen we een route die de ochtendspits rond SF zou moeten vermijden. Maps me weet dan weer niet dat die drukte zich in een cirkel met een diameter van minimaal 300 kilometer rond Frisco concentreert en na 10 minuten staan we vast in de eerste file. Als we dan ook nog eens de verkeerde afslag nemen heb je meteen een korte samenvatting van onze hele voormiddag; files en foutrijden.
Een kleine drie uur later verlaten we langzaam maar zeker de voorsteden van Frisco en belanden we in de lunchspits van San Jose en Monterey. Ik word er op zijn zachtst gezegd niet zo vrolijk van en ook naast mij hoor ik zo nu en dan gevloek in zeven talen. Zijn we tenminste samen aan het mopperen.
Uiteindelijk belanden we dan toch op de gewenste highway one oftewel de kustweg van Monterey naar Los Angeles. Wij rijden daarvan vandaag de helft omdat we twee nachten hebben geboekt in Pismo beach.
Het is eigenlijk meteen bingo, een Jap in een veel te grote SUV - hij heeft waarschijnlijk van die houten blokjes op zijn pedalen want met die korte beentjes komen die Aziaten nooit bij de pedalen - die verwonderd de wereld om zich heen bekijkt en geen benul heeft dat je bij een snelheid van 30 kilometer per uur al snel een sliert auto's achter je hebt hangen, rijdt vijf auto's voor ons. Inhalen is op die weg een poging tot zelfmoord maar niet inhalen is dat eigenlijk ook.
Goddank besluit hij na 20 minuten om eens stilstaand van het uitzicht te genieten en kan de sliert auto's erlangs. Het heeft echter weinig zin want binnen no time zit je achter de volgende verbaasde Jap in zijn SUV.
We ontwikkelen een puntensysteem: een gewone Jap is één punt, een vrouwelijk Jap is twee punten want die rijdt nog slechter maar wij gaan voor de bonus van 5 punten; een negerin met indiaanse inslag die in haar mobieltje praat We halen heel veel punten vandaag.
De weg is gelukkig mooi.
Halverwege stoppen we voor een grote groep zeeleeuwen die liggen te zonnen op het strand en waar ik zonder mankeren Zandvoort op een zonnige zomerdag met kuilgravende Duitsers in herken.
Om 4 uur komen we eindelijk aan in Pismo beach en worden we enthousiast welkom geheten door Bert en Lou die we morgen de hele dag gaan lopen vervelen. Het hotel is prachtig gelegen aan de Stille Oceaan en Bert verhaalt vol verve over de olifanten die voor de kust te spotten zijn. Bert is 68 dus we laten hem maar lekker kletsen. Heeft ie toch nog een leuk dagje.
We draaien een was en lopen ondertussen naar het strand, 86 treden naar beneden. Het is er prachtig en we zien grote groepen walvissen voor de kust zwemmen. Mooi, dan hoeven we morgen niet op whale watching want we zijn niet zo zeebestendig, weet ik uit eerdere ervaringen. We spotten ze wel vanaf het strand.
We genieten van een heerlijk dineetje in het dorp en maken daarna plannen voor morgen, onze laatste vakantiedag. Wat zullen jullie in een gat vallen als je niet meer kunt lezen over onze stommiteiten. Maar aan alles komt een eind dus ook aan leedvermaak.
Tot morgen!
zondag 25 september 2016
Zielig dus graag wat medelijden
Ik ben dood. Of nou ja, bijna zo goed als.
Ik heb driehondervierentwintig spieren. Want ik heb op driehondervierentwintig plekken in mijn lijf pijn. Hoe dat zo gekomen is zal ik nu vertellen.
Als we wakker worden weten we al dat we vandaag de boot naar SF nemen om daarna vanaf SF, over de Golden Gate bridge weer naar Tiburon te fietsen. Maar de boot gaat pas om kwart voor 11 dus rennen we eerst een kleine 3 kilometer langs de baai van SF. Heel mooi maar ook heel vermoeiend als de zon inmiddels al onbarmhartig schijnt op twee volgevreten dikke lijven die al twee weken niet of nauwelijks meer bewogen hebben. Om af te koelen na dat sportieve rondje zwemmen we ook nog even 20 baantjes in het zwembad van het hotel. Daarmee zitten we eigenlijk al aan onze beweegquotum van vandaag maar zoals gezegd gaan we ook nog fietsen.
We huren twee sportieve mountainbikes bij het hotel en fietsen naar het haventje waar we met nog wat anderen aan boord van de Blue Line die ons voor 20 dollar middenin SF afzet.
De bootreis is prachtig en duurt slechts 20 minuten.
Eenmaal op Fishermens warf kijken we eerst naar een demonstratie van de SFFD (San Francisco Fire Department) en krijgen voor de kleinkinderen een helm en een echt Fire Departmentpaspoort voor ze mee.
Even verderop worden wat haaien gefileerd wat ook weer wat bekijks oplevert maar daarna is het toch tijd om te gaan fietsen. Er is onderweg echter zo veel te zien en te doen dat we voortdurend weer stoppen en afstappen. Wat eigenlijk ook wel nodig is want het is inmiddels drieëndertig graden, windstil en bovendien is SF gelegen op wat heuvels zodat we bij elke heuvel een reden zoeken om even te stoppen.
Op een boerenmarkt kopen we wat ecologische druiven die zeldzaam lekker smaken en we komen langs verschillende stranden waar half SF aan het afkoelen is.
De Golden Gate bridge is natuurlijk ook een uitdaging, althans de weg ernaar toe, want wij zijn één van de weinige idioten die een gewone mountainbike zonder hulpmotortje hebben gehuurd. Word je met je tong op je hielen in de laagste versnelling ingehaald door zo'n dikke Jap met een parapluutje tegen de zon zonder één enkele zweetdruppel waar dan ook terwijl ze toch echt - ongelogen - een lange broek en handschoenen aanheeft. En bij mij loopt het zweet ongegeneerd de bilnaad in.
Op de brug hebben we een fenomenaal uitzicht over SF aan de ene kant en de Stille Oceaan aan de andere kant. Omdat het zeldzaam mooi weer is voor eind september (rond deze tijd is het gemiddeld 16 graden) wemelt het van de zeilboten en dat zijn geen kleine 6 metertjes zoals wij thuis in de tuin hebben liggen. We kiezen de mooiste uit en fietsen dan weer verder.
De brug naar beneden gaat dan wel weer lekker vlot maar om in Sausalito (Sandra en Andres 1976 voor de kenners onder ons) te komen moet je toch echt weer wat heuveltjes op en af. De temperatuur is moordend en ons water is op. We scoren een colaatje om de ergste nood te ledigen (en om te voorkomen dat ik van mijn graad ga) en vinden daarna een supergezellig restaurantje met uitzicht op SF. We hadden werkelijk geen beter plekje kunnen vinden.
We vullen de calorievoorraad weer bij met een homemade cheeseburger en knoflookpatat - ik eet nooit meer bij Mc Donalds - en kopen een flesje water bij een waterneger die later op onze fietstocht ons leven redt. Want het was al warm maar het wordt nu moordend heet. We moeten elke 10 minuten stoppen en afkoelen in de schaduw om te voorkomen dat er ongelukken gebeuren. Gelukkig zijn er heel veel waterpunten op onze route dus het water dat we niet opdrinken omdat het bijna kookt na 10 minuten fietsen wordt elke keer ververst.
De route is overigens wel verschrikkelijk mooi en was het niet zo warm geweest dan hadden we er beslist meer van genoten.
Na 35 kilometer afzien zijn we om half 6 weer in het hotel en duiken eerst het zwembad in voor nogmaals een rondje afkoelen. Daarna een simpele salade bij de supermarkt als avondmaal zodat we redelijk vroeg de driehonderdvierentwintig spieren kunnen laten rusten.
Morgen gaan we weer op weg. Naar Pismo Beach waar we worden opgewacht door Bert en Lou. Hopen we.
Ik heb driehondervierentwintig spieren. Want ik heb op driehondervierentwintig plekken in mijn lijf pijn. Hoe dat zo gekomen is zal ik nu vertellen.
Als we wakker worden weten we al dat we vandaag de boot naar SF nemen om daarna vanaf SF, over de Golden Gate bridge weer naar Tiburon te fietsen. Maar de boot gaat pas om kwart voor 11 dus rennen we eerst een kleine 3 kilometer langs de baai van SF. Heel mooi maar ook heel vermoeiend als de zon inmiddels al onbarmhartig schijnt op twee volgevreten dikke lijven die al twee weken niet of nauwelijks meer bewogen hebben. Om af te koelen na dat sportieve rondje zwemmen we ook nog even 20 baantjes in het zwembad van het hotel. Daarmee zitten we eigenlijk al aan onze beweegquotum van vandaag maar zoals gezegd gaan we ook nog fietsen.
We huren twee sportieve mountainbikes bij het hotel en fietsen naar het haventje waar we met nog wat anderen aan boord van de Blue Line die ons voor 20 dollar middenin SF afzet.
De bootreis is prachtig en duurt slechts 20 minuten.
Eenmaal op Fishermens warf kijken we eerst naar een demonstratie van de SFFD (San Francisco Fire Department) en krijgen voor de kleinkinderen een helm en een echt Fire Departmentpaspoort voor ze mee.
Even verderop worden wat haaien gefileerd wat ook weer wat bekijks oplevert maar daarna is het toch tijd om te gaan fietsen. Er is onderweg echter zo veel te zien en te doen dat we voortdurend weer stoppen en afstappen. Wat eigenlijk ook wel nodig is want het is inmiddels drieëndertig graden, windstil en bovendien is SF gelegen op wat heuvels zodat we bij elke heuvel een reden zoeken om even te stoppen.
Op een boerenmarkt kopen we wat ecologische druiven die zeldzaam lekker smaken en we komen langs verschillende stranden waar half SF aan het afkoelen is.
De Golden Gate bridge is natuurlijk ook een uitdaging, althans de weg ernaar toe, want wij zijn één van de weinige idioten die een gewone mountainbike zonder hulpmotortje hebben gehuurd. Word je met je tong op je hielen in de laagste versnelling ingehaald door zo'n dikke Jap met een parapluutje tegen de zon zonder één enkele zweetdruppel waar dan ook terwijl ze toch echt - ongelogen - een lange broek en handschoenen aanheeft. En bij mij loopt het zweet ongegeneerd de bilnaad in.
Op de brug hebben we een fenomenaal uitzicht over SF aan de ene kant en de Stille Oceaan aan de andere kant. Omdat het zeldzaam mooi weer is voor eind september (rond deze tijd is het gemiddeld 16 graden) wemelt het van de zeilboten en dat zijn geen kleine 6 metertjes zoals wij thuis in de tuin hebben liggen. We kiezen de mooiste uit en fietsen dan weer verder.
De brug naar beneden gaat dan wel weer lekker vlot maar om in Sausalito (Sandra en Andres 1976 voor de kenners onder ons) te komen moet je toch echt weer wat heuveltjes op en af. De temperatuur is moordend en ons water is op. We scoren een colaatje om de ergste nood te ledigen (en om te voorkomen dat ik van mijn graad ga) en vinden daarna een supergezellig restaurantje met uitzicht op SF. We hadden werkelijk geen beter plekje kunnen vinden.
We vullen de calorievoorraad weer bij met een homemade cheeseburger en knoflookpatat - ik eet nooit meer bij Mc Donalds - en kopen een flesje water bij een waterneger die later op onze fietstocht ons leven redt. Want het was al warm maar het wordt nu moordend heet. We moeten elke 10 minuten stoppen en afkoelen in de schaduw om te voorkomen dat er ongelukken gebeuren. Gelukkig zijn er heel veel waterpunten op onze route dus het water dat we niet opdrinken omdat het bijna kookt na 10 minuten fietsen wordt elke keer ververst.
De route is overigens wel verschrikkelijk mooi en was het niet zo warm geweest dan hadden we er beslist meer van genoten.
Na 35 kilometer afzien zijn we om half 6 weer in het hotel en duiken eerst het zwembad in voor nogmaals een rondje afkoelen. Daarna een simpele salade bij de supermarkt als avondmaal zodat we redelijk vroeg de driehonderdvierentwintig spieren kunnen laten rusten.
Morgen gaan we weer op weg. Naar Pismo Beach waar we worden opgewacht door Bert en Lou. Hopen we.
zaterdag 24 september 2016
Alcatraz
Vorige keer dat we in Frisco waren zijn we niet naar Alcatraz geweest. Ongetwijfeld omdat we er geen geld voor hadden. En met de bekende Frisco tram zijn we toen ook niet geweest om wat voor reden dan ook. Volgens Ries zijn we wel op Fishermens warf geweest maar dat heb ik niet op de harde schijf opgeslagen en foto's zijn er ook niet van. Dus is eigenlijk alles nieuw voor ons.
We vertrekken al vroeg want ons kennende dwalen we uren in de stad rond zonder ooit een glimp van Alcatraz te zien te krijgen en rijden we vierenveertig parkeergarages voorbij om bij de vijfenveertigste te constateren dat ie vol is. Na al die jaren ken je je eigen onvolkomenheden wel.
Maar Maps Me brengt me naar de dichtstbijzijnde parkeergarage en die is om half 10 ook niet vol dus om kwart voor tien staan we klaar terwijl we drie maanden geleden de boot van 11 uur geboekt hebben. Dat boeken moet ruim vantevoren - zeker 's zomers - want de kaartjes zijn vaak maanden vantevoren uitverkocht.
We slenteren wat over Fishermens warf, bekijken luierende zeehonden en gaan om 11 uur aan boord van de boot die ons met 400 anderen naar Alcatraz brengt.
Ook dit is weer een massa-attraktie maar toch wel leuk om alles eens met eigen ogen te bekijken. Ries herkent van alles uit spannende films die mij niets zeggen (Escape from Alcatraz, The Rock, The birdman from Alcatraz) en ik antwoord geïnteresseerd "oh ja", om niet de indruk te wekken dat ik werkelijk geen flauw benul heb waar hij het over heeft. Ik beloof dat we de films zullen kijken als we weer terug in Zweden zijn. Dat kan ik makkelijk beloven want dat vergeet hij toch en 'for the time being' is hij blij.
De rondleiding met audioapparatuur is boeiend (let op de leuke woordspeling) en het uitzicht op San Francisco is overweldigend maar rond één uur slaat de hongerklap bij mijn lief toe en dan is er geen land meer met de beste man te bezeilen. Dan moet er eten in en op dat eiland is geen eten.
We nemen de boot terug en zoeken en vinden een eenvoudig eettentje waar we ons tegoed doen aan een boterham met jam en een boterham met tonijnsalade. De tamme, afgekloven duiven die een graantje mee proberen te pikken en hondsbrutaal op tafel komen zitten krijgen niets. Duiven zijn immers geen viseters en al helemaal geen jamliefhebbers. Dus opzouten met je houten poot en je hangvleugel.
We wandelen verder de pier af en komen min of meer toevallig bij zo'n gezellig houten trammetje dat ons de berg van Frisco op gaat rijden.We worden uitgezwaaid door een stel halvegaren want die stad is werkelijk vergeven van de halvegaren.
De naaktlopers, de travestieten, de drag queens en de ontsnapte psychisch gestoorden hebben we fotografisch niet vastgelegd maar een stapeltje ´wilde dieren´hebben we wel.
Ik zit en Ries hangt - avonturier als hij is - de halve rit uit de tram.
Op de heuvel aangekomen lopen we naar beneden de stad in
waar een ander trammetje ons weer terug zal brengen naar Fishermens warf. Denken we. Want als we bij het punt komen waar de tram gedraaid wordt, staan daar zoveel toeristen te wachten op hun beurt dat je daar met gemak het Stedelijk in Amsterdam mee kunt vullen. We lopen een halte verder in de hoop dat we daar meer kans maken om de tram op te komen maar na een half uur wachten en drie trams die vrolijk doortuffen zonder iemand mee te nemen, begint het ons te dagen dat een ritje er vandaag niet meer in zal zitten. En dat betekent lopend de berg op in de brandende zon en een temperatuur van dertig graden.
Net op dat moment stopt er een limousine - jullie denken dat ik alles verzin maar dat is echt niet zo - die ons voor 5 dollar pp naar Fishermens warf wil brengen. Ik wacht niet af maar hop, samen met 4 Jappen, de limousine in.
De naaktlopers, de travestieten, de drag queens en de ontsnapte psychisch gestoorden hebben we fotografisch niet vastgelegd maar een stapeltje ´wilde dieren´hebben we wel.
Ik zit en Ries hangt - avonturier als hij is - de halve rit uit de tram.
Op de heuvel aangekomen lopen we naar beneden de stad in
waar een ander trammetje ons weer terug zal brengen naar Fishermens warf. Denken we. Want als we bij het punt komen waar de tram gedraaid wordt, staan daar zoveel toeristen te wachten op hun beurt dat je daar met gemak het Stedelijk in Amsterdam mee kunt vullen. We lopen een halte verder in de hoop dat we daar meer kans maken om de tram op te komen maar na een half uur wachten en drie trams die vrolijk doortuffen zonder iemand mee te nemen, begint het ons te dagen dat een ritje er vandaag niet meer in zal zitten. En dat betekent lopend de berg op in de brandende zon en een temperatuur van dertig graden.
Net op dat moment stopt er een limousine - jullie denken dat ik alles verzin maar dat is echt niet zo - die ons voor 5 dollar pp naar Fishermens warf wil brengen. Ik wacht niet af maar hop, samen met 4 Jappen, de limousine in.
Helaas heeft de chauffeur zijn rijbewijs bij een pakkie boter gekregen en hij rijdt als een dolle door de stad wat tot gevolg heeft dat mijn arme lief al na vijf minuten groen en geel ziet. Die wordt al wagenziek van een ritje achterop de fiets dus daarom trapt híj altijd.
Om 4 uur zijn we weer bij de auto - ik heb bij mijn geboorte een ingebouwde GPS meegekegen en weet altijd de weg als ik er eenmaal ben geweest . en via de Golden Gatebrug rijden we terug naar ons paradijsje in Tiburon.
Nog een baantje zwemmen om af te koelen en een bezoekje aan het bierfeest in het haventje en we kunnen wederom spreken van een geslaagde dag.
Morgen gaan we fietsen.
vrijdag 23 september 2016
Let's go.... to San Francisco
Ik word wakker en ben koud tot op het bot. We hebben gisterenavond toen we gingen slapen de 'open haard' uitgedaan en omdat het niet warm was buiten ook niet de airco aangezet. Die airco had de boel nog enigszins op temperatuur kunnen houden maar die stond dus gewoon uit. Het is buiten min 1 en de wandjes zijn hier van plyboard. Dus we liggen min of meer te kamperen in de vrieskou. Ik ben klaar met Lake Tahoe, ik wil naar beneden waar het vierentwintig graden is. Ik zie op het Weather Channel dat het vandaag warm wordt in San Francisco en mik de koffers in de auto, spoor Ries aan om te doen wat ie moet doen 's morgens om 8 uur en we vertrekken. Ondanks dat vandaag de zon schijnt heeft Lake Tahoe mijn hart niet gestolen.
We rijden meer dan een uur alleen maar naar beneden en eenmaal in Sacramento drinken we heerlijk in het zonnetje op de stoep bij een benzinepomp ons bakkie leut. Ik ontdooi en ben weer blij.
Onderweg zien we heuvels, heel veel heuvels met volgens Ries zand en volgens mij gras dat vanwege de droogte geel is. Als we dichterbij komen zien we dat ik gelijk heb maar het is ondenkbaar dat hij toegeeft dat ik gelijk heb dus houden we het erop dat het zand is hoewel het geel gras is.
We rijden over een 3 kilometer lange brug die ons naar een schiereiland aan de andere kant van San Francisco brengt.
Rond twee uur komen we aan in Tiburon, het Wassenaar van San Francisco. Onze lodge ligt helemaal op het einde van het schiereiland met uitzicht op San Francisco.
We installeren ons op de kamer en duiken daarna het zwembad in om even af te koelen. Het is vijfentwintig graden een na dagen toeren in de auto zijn we wel even toe aan wat anders.
Na het badderen wandelen we door het dorpje en komen bij een haventje waarvandaan de pont naar San Francisco gaat. Lekker praktisch want dan hoef je de auto niet naar de stad te nemen, jammer dat ie in het weekend pas om elf uur gaat en wij morgen om 11 uur in San Francisco moeten zijn voor ons uitstapje naar Alcatraz.
De buurt waarin we zitten heeft een gemiddeld jaarinkomen wat ik in mijn hele leven nog niet bij elkaar verdien, zelfs als ik mijn winst van het casino in Las Vegas meetel. De huizen zijn prachtig en de supermarkt onbetaalbaar. Het is ook niet echt een supermarkt, het is een winkelparadijs. Het is zo mooi en decoratief ingericht dat zelfs het wc papier zo aantrekkelijk wordt gepresenteerd dat je gewoon zin krijgt om te poepen. Ik overweeg om er de vakantiegadgets voor onze thuisblijvers te kopen maar ik ga eerst eens kijken hoe mijn aandelen ervoor staan.
We eten er een goddelijk visje van de dag in een gezellig restaurantje en besluiten om morgen toch maar met de auto naar San Francisco te gaan.
Wordt vervolgd...
We rijden meer dan een uur alleen maar naar beneden en eenmaal in Sacramento drinken we heerlijk in het zonnetje op de stoep bij een benzinepomp ons bakkie leut. Ik ontdooi en ben weer blij.
Onderweg zien we heuvels, heel veel heuvels met volgens Ries zand en volgens mij gras dat vanwege de droogte geel is. Als we dichterbij komen zien we dat ik gelijk heb maar het is ondenkbaar dat hij toegeeft dat ik gelijk heb dus houden we het erop dat het zand is hoewel het geel gras is.
We rijden over een 3 kilometer lange brug die ons naar een schiereiland aan de andere kant van San Francisco brengt.
Rond twee uur komen we aan in Tiburon, het Wassenaar van San Francisco. Onze lodge ligt helemaal op het einde van het schiereiland met uitzicht op San Francisco.
We installeren ons op de kamer en duiken daarna het zwembad in om even af te koelen. Het is vijfentwintig graden een na dagen toeren in de auto zijn we wel even toe aan wat anders.
Na het badderen wandelen we door het dorpje en komen bij een haventje waarvandaan de pont naar San Francisco gaat. Lekker praktisch want dan hoef je de auto niet naar de stad te nemen, jammer dat ie in het weekend pas om elf uur gaat en wij morgen om 11 uur in San Francisco moeten zijn voor ons uitstapje naar Alcatraz.
De buurt waarin we zitten heeft een gemiddeld jaarinkomen wat ik in mijn hele leven nog niet bij elkaar verdien, zelfs als ik mijn winst van het casino in Las Vegas meetel. De huizen zijn prachtig en de supermarkt onbetaalbaar. Het is ook niet echt een supermarkt, het is een winkelparadijs. Het is zo mooi en decoratief ingericht dat zelfs het wc papier zo aantrekkelijk wordt gepresenteerd dat je gewoon zin krijgt om te poepen. Ik overweeg om er de vakantiegadgets voor onze thuisblijvers te kopen maar ik ga eerst eens kijken hoe mijn aandelen ervoor staan.
We eten er een goddelijk visje van de dag in een gezellig restaurantje en besluiten om morgen toch maar met de auto naar San Francisco te gaan.
Wordt vervolgd...
donderdag 22 september 2016
Sierra Nevada
Vandaag reizen we verder door de Sierra Nevada om in de loop van de dag in South Lake Tahoe aan te komen. De highway waarover we rijden is de hele dag dezelfde en brengt ons over grote hoogtes van de Sierra Nevada.
Voordat we wegrijden uit Bishop brengen we nog even een bezoekje aan bakkerij Schat uit Deventer wiens voorvaderen zich in 1907 hebben gevestigd in Bishop. Het Nederlandse brood en de koekjes zijn inmiddels zo populair dat mensen van heinde en ver komen om te shoppen bij Schat. Hij bakt dagelijks 25 000 broden en heeft 77 mensen in dienst. Wij kopen een krentenbrood, stroopwafels, kletskoppen en twee veel te zoute gevulde koeken en gaan dan op weg.
Na tien minuten krijgen we al de eerste waarschuwingen dat langzaam verkeer rechts moet houden vanwege de klim die ons te wachten staat. We rijden over opnieuw een prachtige weg en genieten van elk uitzicht dat na elke bocht weer verschijnt. maar zien ook dat met het klimmen van de hoogtemeter de thermometer evenredig omgekeerd daalt. Onze eerste stop is in Bridgeport dat op 5000 voet (ongeveer 1600 meter) ligt en waar het, ondanks de zon, zo koud is dat we snel de auto weer invluchten. Het is met 53 graden fahrenheit (12 graden) best fris in de korte broek.
We klimmen hoger en hoger en al snel zitten we boven de boomgrens Als we de top van 8800 voet (bijna 3000 meter) is het buiten nog maar 6 graden maar wel weer heel erg mooi.
De weg naar South Lake Tahoe is langer dan we hadden berekend en bij de afslag naar Yosemite park besluiten we het park niet te bezoeken maar door te rijden.. Ten eerste hebben we het park al dertig jaar geleden bezocht en ik verwacht niet dat er veel veranderd is in 30 jaar. Kijk naar ons, nog even jeugdig en onweerstaanbaar als destijds met hooguit een rimpeltje en een ribbeltje meer, Ten tweede wordt ook voor dat park gewaarschuwd voor grote hoeveelheden toeristen (er staat letterlijk in de folder: je kunt er de mooiste foto's maken als e de bussen toeristen wegdenkt) en laat ik daar nou net niet zo heel veel zin in hebben. Ik ben een beetje klaar met een selfie van een Jap voor, achter, naast, tussen en in de boom. Ik wens ze bijna onder zo'n boom.
Geen Yosemite dus voor ons maar doorrijden.
Om twee uur zijn we bij het hotel in South Lake Tahoe en tot onze verbijstering is het ook daar stervenskoud.
We eten een hapje op de kamer en gaan dan op zoek naar een winkel die lange broeken verkoopt want die hebben we niet bij ons. In heel South Lake Tahoe is geen betaalbare broek te vinden en aangezien het steeds slechter weer wordt besluiten we naar Carson City te rijden, de hoofdstad van Nevada dat 35 kilometer verder en 2 kilometer lager ligt. Tot onze afschuwelijke verbijstering begint het onderweg te sneeuwen. Het is 22 september en ik ben nu al weer klaar met de winter van 2016/2017.
Ries maakt zich zorgen over het feit dat we geen winterbanden hebben, ik ben zelf meer bezig met het bedenken waar ik de komende zeven maanden kan onderduiken.
We slagen gelukkig voor twee spijkerbroeken zodat we de winter van Lake Tahoe zullen overleven en eten daarna een hapje bij Villa Roma, een erg ongezellig maar erg goed Italiaans restaurant tegenover het hotel.
We overwegen om nog een keer een gokje te wagen in het casino van Lake Tahoe maar we zijn allebei te lui om de deur nog uit te gaan dus de rest van de avond hangen we voor de buis en de open haard in onze kamer en boek ik een hotel op Los Angeles vliegveld waar we volgende week onze reis zullen afsluiten.
Maar eerst nog drie dagen naar San Fransisco en twee dagen met Bert en Louise in Pismo Beach.
Het is morgen zonnig en 24 graden in San Fransisco dus ik heb er weer zin in.
Voordat we wegrijden uit Bishop brengen we nog even een bezoekje aan bakkerij Schat uit Deventer wiens voorvaderen zich in 1907 hebben gevestigd in Bishop. Het Nederlandse brood en de koekjes zijn inmiddels zo populair dat mensen van heinde en ver komen om te shoppen bij Schat. Hij bakt dagelijks 25 000 broden en heeft 77 mensen in dienst. Wij kopen een krentenbrood, stroopwafels, kletskoppen en twee veel te zoute gevulde koeken en gaan dan op weg.
Na tien minuten krijgen we al de eerste waarschuwingen dat langzaam verkeer rechts moet houden vanwege de klim die ons te wachten staat. We rijden over opnieuw een prachtige weg en genieten van elk uitzicht dat na elke bocht weer verschijnt. maar zien ook dat met het klimmen van de hoogtemeter de thermometer evenredig omgekeerd daalt. Onze eerste stop is in Bridgeport dat op 5000 voet (ongeveer 1600 meter) ligt en waar het, ondanks de zon, zo koud is dat we snel de auto weer invluchten. Het is met 53 graden fahrenheit (12 graden) best fris in de korte broek.
We klimmen hoger en hoger en al snel zitten we boven de boomgrens Als we de top van 8800 voet (bijna 3000 meter) is het buiten nog maar 6 graden maar wel weer heel erg mooi.
De weg naar South Lake Tahoe is langer dan we hadden berekend en bij de afslag naar Yosemite park besluiten we het park niet te bezoeken maar door te rijden.. Ten eerste hebben we het park al dertig jaar geleden bezocht en ik verwacht niet dat er veel veranderd is in 30 jaar. Kijk naar ons, nog even jeugdig en onweerstaanbaar als destijds met hooguit een rimpeltje en een ribbeltje meer, Ten tweede wordt ook voor dat park gewaarschuwd voor grote hoeveelheden toeristen (er staat letterlijk in de folder: je kunt er de mooiste foto's maken als e de bussen toeristen wegdenkt) en laat ik daar nou net niet zo heel veel zin in hebben. Ik ben een beetje klaar met een selfie van een Jap voor, achter, naast, tussen en in de boom. Ik wens ze bijna onder zo'n boom.
Geen Yosemite dus voor ons maar doorrijden.
Om twee uur zijn we bij het hotel in South Lake Tahoe en tot onze verbijstering is het ook daar stervenskoud.
We eten een hapje op de kamer en gaan dan op zoek naar een winkel die lange broeken verkoopt want die hebben we niet bij ons. In heel South Lake Tahoe is geen betaalbare broek te vinden en aangezien het steeds slechter weer wordt besluiten we naar Carson City te rijden, de hoofdstad van Nevada dat 35 kilometer verder en 2 kilometer lager ligt. Tot onze afschuwelijke verbijstering begint het onderweg te sneeuwen. Het is 22 september en ik ben nu al weer klaar met de winter van 2016/2017.
Ries maakt zich zorgen over het feit dat we geen winterbanden hebben, ik ben zelf meer bezig met het bedenken waar ik de komende zeven maanden kan onderduiken.
We slagen gelukkig voor twee spijkerbroeken zodat we de winter van Lake Tahoe zullen overleven en eten daarna een hapje bij Villa Roma, een erg ongezellig maar erg goed Italiaans restaurant tegenover het hotel.
We overwegen om nog een keer een gokje te wagen in het casino van Lake Tahoe maar we zijn allebei te lui om de deur nog uit te gaan dus de rest van de avond hangen we voor de buis en de open haard in onze kamer en boek ik een hotel op Los Angeles vliegveld waar we volgende week onze reis zullen afsluiten.
Maar eerst nog drie dagen naar San Fransisco en twee dagen met Bert en Louise in Pismo Beach.
Het is morgen zonnig en 24 graden in San Fransisco dus ik heb er weer zin in.
Abonneren op:
Posts (Atom)





















































